'Werkelijke emancipatie bereik je alleen met mannen en vrouwen samen! (femanisme)'
Opzij: daar komt een nieuwe generatie!
Werkelijke emancipatie bereik je alleen als de feministische voorhoede uit vrouwen en mannen bestaat.
Want niet alleen vrouwen hebben last van een 'glazen plafond', mannen hebben ook last van een 'glazen vloer'!
De moderne man krijgt van de feministische voorhoede nog steeds de schuld in plaats van een voorbeeld- en voorhoede functie en daarmee staat zij de nodige emancipatie van de nieuwe generatie eerder in de weg dan dat zij er aan bijdraagt.
Laten wij; de nieuwe generatie mannen en vrouwen, de stagnerende emancipatie samen aan kaarten bij traditionele mannen, vrouwen, het bedrijfsleven en de overheid, in plaats van elkaar te bestrijden. Want niet alleen vrouwen worden in een traditioneel keurslijf gedrukt, ook mannen blijven in het keurslijf van kostwinner en boeman gedrukt.
Op naar het Femanisme!
Roos Wouters
Column
Door: Mirjam van Tiel
Roos Wouters (1974) is, politicologe, bestuurslid van AVV (Alternatief voor Vakbond) en richt zich op de carrièrekansen van werkende ouders.
In haar column 'Fuck! Ik ben een feminist' bedankt Roos Wouters haar moeders generatie voor gedane arbeid in de zeventiger jaren en geeft ze aan dat tegenwoordig mannen en vrouwen het vaak samen wel kunnen oplossen, gezellig aan die keukentafel, met een glaasje wijn erbij. Door vast te houden aan een ouderwets beeld van ‘de man’ en te blijven hameren op hun (vermeende) tekortkomingen, ontneem je mannen de motivatie om samen met jou afspraken te maken over de taakverdeling thuis en buitenshuis. Mannen gaan de verwijten als excuus gebruiken om inderdaad aan hun kruis krabbend op die bank te gaan liggen en ‘Popje, breng effe een biertje voor me mee’ richting keuken te roepen. Roos wil laten zien dat het effectiever is om volgens het harmoniemodel aan de slag te gaan. Belonen van goed gedrag, in plaats van wijzen op slecht gedrag, net als bij het opvoeden van kinderen. Als ze niet ‘gepaaid’ worden, zullen mannen er niet over piekeren om hun macht op te geven om te gaan stofzuigen, want daar hebben ze, net zo min als vrouwen, zin in.
De discussie wordt ingeleid door Roos die haar column voorleest. Een humoristisch stukje waaruit op te maken is dat Roos de zaken thuis goed voor elkaar heeft: haar man (die vier dagen werkt, Roos werkt er drie) ligt wel eens op de bank, en vraagt ook wel eens of ze een biertje uit de keuken wil meebrengen. Maar dat is dan nadat hij de kinderen van de opvang heeft gehaald en de boodschappen heeft gedaan. Als Roos de keuken inloopt, wordt ze door haar zoontje terechtgewezen: ‘Wegwezen! Vrouwen horen niet in de keuken!’ Femanisme in huize Wouters, met dank aan onder meer haar feministische schoonmoeder.
Ook al zijn de zorgtaken nog niet altijd en overal eerlijk verdeeld, Roos wil dat we mannen positief tegemoet treden en samen met hen steeds meer voorbeelden creëren voor mannen en vrouwen die worstelen met de taakverdeling thuis en op het werk. Dit is de beste nieuwe vorm voor de feministische strijd. Vouwen moeten ook niet ‘net als mannen’ willen worden en vooral maar door dat glazen plafond heen willen stoten. En mannen moeten ook door de glazen vloer willen zakken. Geijkte rolpatronen, daar moeten mannen en vrouwen samen tegen strijden. We moeten mannen (én vrouwen) niet steeds in een stereotiep, conservatief keurslijf dwingen.
Alies Pegtel (HP/de Tijd) wijst erop dat het helemaal niet zo goed gaat met de emancipatie in Nederland: slechts 9% van de hoog opgeleide mannen gaat bijvoorbeeld minder werken als er kinderen komen. De meeste mannen hebben er gewoon geen zin en zijn helemaal niet betrokken bij de feministische strijd. Bovendien is het door Roos geschetste beeld slechts waarneembaar in zeer beperkte, hoger opgeleide, randstedelijke kring. Alies vindt de benadering van Roos te naïef als algemeen model. Ze verwacht ook meer van het uitbesteden van huishoudelijk werk dan van het samen delen ervan.
Gespreksleider Martijn de Greve – invallend voor een zieke Mei Li Vos - vraagt de zaal zich in drieën te delen: ‘eens met dit harmoniemodel als nieuwe vorm van de emancipatiestrijd’; ‘dat model is naïef, de strijd is nog niet gestreden’ of het middenvak (‘in opperste verwarring’). In dat laatste vak vraagt bezoeker Niels zich af waarom mannen zo voorzichtig benaderd zouden moeten worden. Ze zijn immers verre van een bedreigde diersoort. Pieter Hilhorst stelt vanuit het ‘strijdvak’ dat er juist méér gepolitiseerd moet worden. De keuzes die Roos als individuele keuzes presenteert, zijn door de maatschappij bepaald. Zolang de reactie op vaders die in verband met kinderzorgtaken op tijd weg willen bij een vergadering er een is van ‘aah ,wat een goede vader’, en moeders in zo’n situatie als problematische werknemers worden gezien, heeft het weinig zin om te doen alsof we allemaal dezelfde keuzevrijheden hebben.
De Nederlandse idealen ten aanzien van opvoeding brengen met zich mee dat moeders die buitenshuis werken (er zijn er veel minder dan in andere landen, en al helemaal weinig die dat fulltime doen) en hun kind tijdens die uren op een crèche laat opvangen over het algemeen negatieve reacties uit hun omgeving krijgen. In Denemarken vinden ze het juist zielig als een kind alleen met mama thuis moet blijven en het de kans wordt ontnomen om zich samen met andere kinderen en onder professionele begeleiding te vermaken en te ontwikkelen. Als de kinderen zich aandienen, haken Nederlandse vrouwen massaal af op de arbeidsmarkt en valt het gelijkheidsideaal aan gruzelementen, vaak onder verwijzing naar het gegeven dat papa nou eenmaal meer geld verdient dan mama (!).
Wat is een goede vader en vooral wat is een goede moeder. De discussie over taakverdeling thuis maar ook buitenshuis, op de arbeidsmarkt wordt daardoor meestal al snel gekaapt. Ouderschap is een emotioneel beladen gegeven. Kritiek geven of krijgen op je ouderschap wordt over het algemeen slecht verdragen. Dat staat een rationele discussie over rollen voor en beelden van mannen en vrouwen vaak danig in de weg. Zo ook vanavond weer.
Bijdragen
Reacties
Dorien