e-mailuitwisseling
Vanuit het verre buitenland - Nieuwe bijdrage!
E-mailuitwisselig tussen Nederlandse vrouwen in het buitenland
Verhuizen naar het buitenland; een droom van veel vrouwen. Gitte Büch en Marcia Luyten deden het. Gitte is net verhuisd naar Vietnam en Marcia woont nu drie jaar in Oeganda. Via e-mail houden ze elkaar op de hoogte van hun avonturen en ervaringen. Deze maand weer een bericht van Gitte.
Oeganda 22 december 2009
Hallo Gitte,
We moeten het zeker nog uitgebreider over seks hebben. Er valt veel over te zeggen, maar dan volgende keer, als je het goed vindt. Mijn hoofd is nu in wat andere, minder sexy CO2-sfeer. Zit ik in Kampala achter mijn computer: de apen zitten elkaar achterna door de boom voor mijn raam en ik voel me zó geen deel van het wereldnieuws. Een beetje als toen ik in Kigali hoorde dat de Twin Towers instortten. Van Kampala naar Kopenhagen is dan ook een roteind. Zesenhalfduizend in kilometer en lichtjaren als het om afval en uitstoot gaat. Vannacht reed ik de berg naar mijn huis op. Een mystieke ervaring: de nacht was zwart en zwarter nog was wolk waar ik in reed. Die bewoog samen met mij omhoog. Pas toen ik binnen de wolk meters maakte, zag ik een busje. Zonder licht. Zonder reflector. Zijn enige boei was zijn verduistering van uitlaatgas.
De lucht boven Kampala wordt bruin. Auto’s braken zwart want een apk-keuring bestaat niet. Diesel en benzine zijn versneden. Mijn lief loopt drie per week op en neer naar zijn werk. Zijn lijf is strak, conditie top. Zijn longen zijn waarschijnlijk zwart. Mijn stiekeme sigaretje steekt er gezond bij af. Na drie jaar Kampala heb ik geen goed gevoel over mijn ecologische voetafdruk. Die is maten groter dan in Broek in Waterland. Daar fietste ik naar en van Amsterdam om de laatste meters naar huis te roeien. Hier raak ik alleen per Turbodieseljeep op de berg. Van glas, batterijen en erger kom je niet fatsoenlijk af. Geen fanfare of voetbalclub die het oud papier ophaalt. In 3 jaar mikten we, gok ik, 1200 lege wijnflessen de vuilnisbak in. De batterij is wel het meest moeilijk voor wie ooit ook praktiserend milieubewust was. Lokaal gebruik is: je gooit hem in de berm. We zijn alleen nog niet helemaal ingeburgerd. Wij bergen ze op. Met welk doel? Om er straks heel veel in één keer in het vuur te gooien? Tot we het weten reizen we met zakken lege Duracell naar Nederland en met oplaadbare terug. Dat laatste, de oplaadbare uitweg, vraagt wel weer een heel systeem van lege batterijen laden zodat je volle hebt wanneer sinterklaas komt met poppen, auto’s, walkietalkies en afstandbedieningen die bergen batterijen willen. (Heb ik in de winkel toch maar even een paar gewone gehaald.) Dat zat ik dus allemaal te bedenken, toen vrijdag en zaterdag Tweets uit Kopenhagen binnenkwamen. (ben jij al op Twitter?!) Mijn aanstaande schoonbroer voerde er al twitterend actie op elektrische scooters. Diederik Samsom berichtte vanaf de frontlinie over de strijd om een akkoord. Hij schreef dat Afrika en China (met de ‘G77’) de zaak lamlegden. Vanuit Kampala twitterde ik dat het niet gek was dat Afrika bang was in het pak te zullen worden genaaid. Tegelijkertijd: wat moeten Afrikaanse landen met de bakken geld die ze eisen ter compensatie van het feit dat ze het meeste te lijden hebben van door ons veroorzaakte klimaatverandering? (wat natuurlijk waar is) Een deel van dat geld verdwijnt. En vervolgens zitten oplossingen niet in de eerste plaats om geld verlegen. Wel om politieke wil. Het gaat om het besef dat er zoiets als ‘vervuiling’ bestaat. Dat je roetfabrieken van de weg kunt halen. Dat je regenwater kunt opvangen voor wanneer het droog is. Daar zijn niet meteen miljarden voor nodig. Toch houden oliebaronnen als Al Bashir hun hand op. Deze week voelde ik me ver van huis.
Kus,
Marcia
Vietnam 10 december 2009
Hai Marcia,
Nou ben ik een half jaar in Vietnam en opeens viel het me op; ik heb nog geen tiet gezien. Geen tv babes of playmates in de schappen, geen boeken die - à la Grunberg - met borsten de aandacht proberen te trekken. Ook niet op straat, terwijl het hier nogal warm en broeierig is in de zomer. Alleen de boem-boem hotelletjes bij mij op de hoek en de verliefde stelletjes die op hun motorbikes langs het meer zitten, zijn de enige zinnenprikkelende signalen in het publieke domein. ‘Sex sells’ gaat hier niet op. Is het omdat Vietnam pas sinds 1986 zijn perestrojka beleeft? Als je de enorme hoeveelheid winkeltjes en koopwaar ziet, kun je je dat eigenlijk niet voorstellen. Of is dit een wat mij betreft prijzenswaardige uiting van het socialistische gelijkheidsideaal? Hoe het ook zij, mij bevalt het eigenlijk wel, leven in een samenleving waar opvallen niet een zaak is van uitkleden (of juist bedekken, allebei hebben zo hun beperkingen, vind ik).
Houden Vietnamezen dan niet van seks? Niet is minder waar! Bij Google Trends vind je dat Vietnam van de hele wereld het hoogste aantal hits scoort op de zoekterm ‘seks’. Het scoort zelfs beter dan god en terrorisme, toch niet de minsten, bij elkaar! Nu jij weer. Vietnam bevindt zich trouwens in goed gezelschap. Pakistan, Sudan en Egypte zijn de andere koplopers in de zoektocht naar internet seks. Ik kan snappen dat door vrouwen te bedekken de behoefte aan seks juist wordt aangewakkerd. Maar hoe zit dat met Vietnam?
Ik heb het rondgevraagd en wat blijkt? Over seks praten is taboe maar er grappen over maken is de nationale hobby. Omdat de Vietnamese taal zes verschillende klanken heeft kan een woord, als je het net iets anders uitspreekt, een seksuele lading hebben. Ogenschijnlijk onschuldige gesprekken over eten blijken verkapte uitnodigingen en toespelingen naar seksuele escapades. Rijst en Pho (soep) zijn de aardappelen en boontjes van de Vietnamese keuken. Rijst eet je elke dag en Pho maar een paar keer per week (voel je ‘m aankomen?). Als ik zeg dat ik Pho lekker vind en het liefst elke dag eet, zeg ik eigenlijk dat ik mijn minnaar zo goed vind dat ik ‘m elke dag wil zien. Mijn lieve man, dat arme bakje rijst, die lieve aardappel, is er altijd en dus minder lekker. Tja.
Vanaf januari ga ik Vietnamees leren. Wordt vast lachen, helemaal voor de Vietnamezen.
Keep you posted.
Gitte
Gitte Büch woont sinds kort in Hanoi (Vietnam) met haar man en twee zonen Bo van zes, en Isha van vier. Zij zijn uitgezonden vanwege het werk van haar partner. In Vietnam is ze aan de slag voor een organisatie op het gebied van corporate social responsibility. In Nederland was ze manager communicatie bij War Child.
Oeganda, 23 november 2009
Hee Gitte,
Het nieuws dat vorige week Oeganda beheerste, was de schedel van de
voormalige legeraanvoerder, generaal Kazini. Die was als een hotdogbroodje
opengekliefd. Ze houden hier van expliciete foto’s in de krant (– grappig
als ik denk aan de discussies op de redactie van de Volkskrant nadat een
dood lichaam te zien was geweest en lezers boos de krant belden; we zijn
in Nederland erg gevoelig voor het lijden.)
Hier geldt: blood sells. Niemand die zich voor zijn sensatielust schaamt.
In de krant die graag onthoofde hoofden en lichamen toont van dieven,
moordenaars of ritueel geslachte kinderen, prijkte paginagroot fullcolour
het bloederige hoofd van de man die tot voor kort een van de machtigste
was.In andere kranten zag je de dode generaal van meters afstand, naast een
foto van zijn vermeende moordenaar: de jonge vrouw die tussen twee
agenten werd afgevoerd.
Het liefje van de generaal had het haar glad en strak in een knot en
nette kleren aan. De krant liet ook het moordwapen zien: een lange
ijzeren staaf. Daarmee zou de minnares de generaal het hoofd hebben
ingeslagen toen die in een kwade dronk ruzie maakte.
Vrijdagavond keken we bij Oegandese vrienden op megaflatscreen naar
Kazini’s begrafenis. Vriend is een topambtenaar op het ministerie van
Financiën, goed gelinkt in de kringen van de macht. We speculeerden over
de moord. Kan het popje met die staaf die beer van een man de kop hebben
ingeslagen? Onmogelijk. Er moet een bijl zijn gebruikt. De minnares kan
zijn omgekocht om schuld te bekennen. Zodra iedereen de moord is vergeten,
komt ze vrij. Mogelijk dekt ze een zakelijke of politieke moord af.
Waarom vertel ik je dat nou? Je mailde me over de vrouwen in Vietnam die
jongens moeten baren en zo dwaalden mijn gedachten naar De Daad en de
seksuele mores die haar schragen. Wat me opviel aan het Kazini-verhaal, is
dat het geen issue is dat de generaal een minnares had. Er is geen woord
over geschreven. De weduwe Kazini vertelde krant en tv over haar
echtgenoot. Overspel kwam nooit ter sprake.
Stel je eens voor dat een westerse toppoliticus door zijn minnares zou
worden omgebracht. Het zou eindeloos over huwelijkse zeden en de details
van het schandaal gaan. Hier is overspel geen schande. Omdat iedere man
meer sekspartners heeft.Dat verklaart waarom hiv-aids nu vooral toeneemt binnen huwelijken. Omdat mannen langere tijd dezelfde minnaressen hebben, gebruiken ze geen
condoom. En besmetten ze hun vrouwen. Ik heb nog even rondgevraagd of ook
hier zo veel foetussen van meisjes worden geaborteerd, maar dat is niet
zo. Vrouwen zijn het wel aan hun schoonfamilie verplicht om een zoon te
baren – ook hier: omdat meisjes die trouwen de familie verlaten. Wanneer
ze faalt, moet de zoon van een andere moeder komen. Dan wordt de man aangespoord er een vrouw bij te nemen.
Groeten,
Marcia
Marcia Luyten is econoom en cultuurwetenschapper. Ze werkt als zelfstandig journalist, schrijver en moderator voor onder meer NRC Handelsblad, Vrij Nederland en De Globaliseringslezing. Ze schreef Ziende blind in de sauna: Hoe onze politiek, economie en cultuur ‘Afrikaanse’ trekken krijgen en Witte geef geld. Sindss 2007 woont ze met man en drie kinderen (6, 3 en 1) in Kampala, Oeganda.
Vietnam 3 november
Hai Marcia,
Hier in Vietnam geen ‘Dead Aid’ van de rijzende Afrikaanse ster Moyo (in jouw laatste brief), maar Life Business door jonge stellen in deze opkomende economie. Zij geven hun geld niet alleen uit aan coole brommers, maar ook steeds meer aan echopraktijken die hier als paddenstoelen uit de grond schieten. De toekomst is hier te koop. De planeconomie in optima forma. Want wat is het geval: iedereen wil zonen, of op zijn minst toch eentje. En dus is de stap naar abortus snel gezet, zeker als de tweede ook een dochter dreigt te worden. Verdere gezinsuitbreiding wordt door vadertje staat ontmoedigd. Met als gevolg dat de balans tussen jongetjes en meisjes zoek raakt.
Nou vraag je je af, waarom wil iedereen toch zonen? Na een dagje pokemons, bionicals, strijdkreten en voetbal verlang ik naar het meisje met staartjes die vredig zit te kleuren met vriendinnetjes. Mijn Vietnamese buurvrouw van negentig heeft het antwoord. Ze nodigde me uit voor een kopje thee bij haar thuis. Haar huis is klein en sober. Ik woon in het paleis ernaast, maar omdat zij mijn huisbaas is, voel ik me daar niet lullig over. Ze bezit nog drie villa’s in ons steegje, een superinvestering uit de tijd dat grond nog te betalen was. Ieder van haar vier zonen kreeg zo’n optrekje voor de verhuur. Behalve haar dochters. Die kregen er geen. Getrouwde dochters gaan naar de familie van de man. En daarmee dus ook het familiekapitaal van mijn buuf. En niet alleen dat: deze dochters moeten hun gebeden ook gaan richten op de voorouders van hun man. Zonen daarentegen zorgen met hún vrouwen voor zijn ouders, zowel in materie als in gebed. Zo komt bij mijn buurvrouw elke avond een van haar jongens eten brengen en slapen.
Belangrijkste taak dus van elk moeder: krijg een zoon! Op het platteland baren vrouwen, als het ze gegeven is, net zo lang door totdat het gelukt is. In de stad kun je het lot een handje helpen. Economische groei versterkt hier traditie in plaats van dat het aan de culturele stoelpoten van de samenleving zaagt.
Je begrijpt dat mijn buurvrouw me gelukkig prijst met mijn twee voetballertjes. En dus niet vanwege de transfersommen die ik straks ga cashen. De volgende keer dat mijn mannetjes luidruchtig met een bommetje in ons zwembad plonzen en het water bij de buurvrouw over de schutting spat, voel ik me in ieder geval niet meer opgelaten.
Groeten,
Gitte
Gitte Buch
Gitte Buch woont sindskort in Hanoi (Vietnam) met haar man en twee zonen Bo van zes, en Isha van vier. Haar man is door het ministerie van Buitenlandse Zaken uitgezonden. Tot voor kort werkte Gitte als Manager Communicatie bij War Child.
Oeganda, 21 oktober 2009
Hee Gitte,
Goed te horen dat je je er met huid en haar in gooit, in die nieuwe wereld. Opmerkelijk toch dat dilemma’s als het combineren van werk en kind iets van de Eerste Wereld blijken te zijn. Je zou haast denken dat vrouwen in Azië en Afrika minder tobben. In werkelijkheid hebben ze domweg geen keus. De Nederlandse vrouw kreeg in de twintigste eeuw met toenemende welvaart de luxe, de vrijheid (!) om niet te werken en zich te richten op huishouden en kinderen – hoe gelukkig waren jouw afgelopen weken eigenlijk met schoonouders en kinderen? De gelukkige huisvrouwen die op Amerikaanse jaren vijftig-plaatjes naast hun stofzuiger staan, telden hun zegeningen: anders dan hun moeder of grootmoeder hoefden zij niet meer met een kind aan de rok het land op. Toen condoom en pil uit de christelijke verdomhoek kwamen, hoefden ze ook geen twaalf kinderen meer te baren. Alleen kwamen ze erachter dat sociale waardigheid en zelfontplooiing toch goed gedijen bij een professionele carrière.
Grappig dat als ik Afrikaanse vrouwen tref die het gebruikelijke patroon doorbreken, die dat ook meteen heel rigoureus doen. De meest radicale is wel Dambisa Moyo, de in Zambia geboren econoom die de wereld over trekt met de boodschap dat het de schuld is van de hulp dat Afrika nog zo arm is. (Hoor je ook iets over haar in Vietnam?)
Alleen de kleur van haar huid verraadt Afrika. Voor de rest is ze every inch New York – succesvol, glamourous, kinderloos en single (dat laatste heb ik haar niet gevraagd, maar na 8 maanden leven in hotels is ze dat anders wel geworden – haar tegenhanger Naomi Klein, bijvoorbeeld, reisde na publicatie van The Shock Doctrine de wereld rond samen met haar man, een tv-talkshowpresentator die daarvoor onbetaald verlof nam. Ook zij heeft trouwens geen kinderen, wat me toch doet fronsen want afvragen of vrouwen kinderloos per saldo succesvoller zijn).
Moyo was na acht maanden debatteren over Dead Aid behoorlijk doorgeëxerceerd. Spontaan en hardop nadenken lukte niet. Ze draaide steeds dezelfde melodie af, haar gelijk claimend met Wereldbankstatistieken. Op de avond van De Globaliseringslezing was het niet gemakkelijk daar erg kritisch over te zijn. De helft van de zaal was jong, studenten denk ik. Moyo met haar scherpe betoog viel goed. Bij scherpe vragen aan háár adres koos dat publiek partij voor de ster.
Het was ondenkbaar dat ik haar de vraag kon voorleggen of ze na al die jaren in New York en Londen niet als een witte naar Afrika is gaan kijken? Dat ze over het hoofd ziet dat politiek in Afrika volgens zijn eigen wetten werkt, ook zónder hulp.
Maar dat alles doet aan haar prestatie niks af. Als het gaat om het halen van een vooropgezet doel, is ze effectiever dan alle Afrikaanse presidenten bij elkaar. Ze schreef een keiharde bestseller over hulp, kun je nagaan. Ze jaagt hulpprofessors (witte mannen) de gordijnen in. Ze is een Afrikaanse lady om trots op te zijn.
Groeten,
Marcia
Marcia Luyten is econoom en cultuurwetenschapper. Ze werkt als zelfstandig journalist, schrijver en moderator voor onder meer NRC Handelsblad, Vrij Nederland en De Globaliseringslezing. Ze schreef Ziende blind in de sauna: Hoe onze politiek, economie en cultuur ‘Afrikaanse’ trekken krijgen en Witte geef geld. Sindss 2007 woont ze met man en drie kinderen (6, 3 en 1) in Kampala, Oeganda.
Vietnam, 6 oktober 2009
Hallo Marcia,
Wat een ommezwaai, van fulltime werken naar fulltime thuis met de kids. En dat heel ver weg van het vertrouwde Amsterdam. Zal ik op jacht gaan naar een uitdagende full time job of juist genieten van het niet te hoeven werken? Of iets ertussen in? Ik voel duidelijk dat ik zonder mijn vorige baan bij War Child en zonder de door mij uitgekozen vrienden mijn identiteit opnieuw moet opbouwen. Spannend.
De Vietnamese vrouwen hebben heel andere dingen aan hun hoofd. Als ik door de stad rijd, valt het me op dat er overal vrouwen zijn en dat ze werken. Het maakt niet uit wat of hoe zwaar het is, ze doen het. Ik zie ze straten maken, huizen bouwen, bars draaien, eten verkopen en in nette pakjes op hun brommer naar kantoor zoeven. Waar de mannen overal op kleine krukjes theeleuten, valt het op als een vrouw even lekker niks doet. Volledige participatie op de arbeidsmarkt, heet dat, toch?!
Op posters van de communistische partij zie ik ze met zeis in de hand en kinderen aan de rokken fier de toekomst in kijken. Het socialisme maakt geen onderscheid tussen mannen en vrouwen. Zij aan zij strijden ze voor de goede zaak. Tijdens de 'American War' vochten de vrouwen volop mee, hielden de productie op gang en zorgden ze voor de kinderen. Ook de armoede verlangt een dubbel inkomen. En wie weet speelt ook mee dat vrouwen geen zin hebben om full time thuis voor hun schoonouders te zorgen, zoals de traditie voorschrijft.
Thuisgekomen na een lange werkdag begint voor de Vietnamese vrouw de tweede etappe. Het huishouden en de zorg voor kinderen is, net als bij jou in Afrika, geheel de verantwoordelijkheid van de vrouw. Mannen stoppen na gedane arbeid even bij de Bia Hoi om met hun maten een biertje te drinken. Zij maakt ondertussen het eten klaar en verzorgt de kinderen. De ranke Vietnamese man ziet er wel uit al een metro man, maar gedraagt zich er blijkbaar niet naar.
Je zegt dat de Afrikaanse vrouw niet hoeft te kiezen tussen werk en gezin, dat zij haar gezin ìs. De Vietnamese vrouw kiest ook niet, ze doet het allebei: full time werken èn full time huisvrouw zijn. Je hebt het over het uithoudingsvermogen van de Afrikaanse vrouwen, ik denk dat haar Vietnamese zusters uit hetzelfde hout gesneden zijn. Volgende week komen mijn schoonouders op bezoek. Schatten zijn het. Als ik er aan denk dat ik voor hen, de kids, mijn partner en een volle koelkast moet zorgen, krijg ik spontaan uitslag. De komende tijd ga ik eens rustig nadenken over mìjn balans.
Groeten,
Gitte
Gitte Buch woont sindskort in Hanoi (Vietnam) met haar man en twee zonen Bo van zes, en Isha van vier. Haar man is door het ministerie van Buitenlandse Zaken uitgezonden. Tot voor kort werkte Gitte als Manager Communicatie bij War Child.
Oeganda, 22 september 2009
Beste Gitte,
Nu ben ik toch al even in Oeganda, bijna drie jaar, en ik heb het gevoel dat ik ‘het’ nog steeds te weinig tegenkom: de sprankeling van vrouwen die blij en vrij het leven in eigen hand hebben. Die weten dat hun mentale vrijheid net zo bijzonder als vanzelfsprekend is; dat Women Inc.-gevoel, zeg maar. Als er één continent drijft op vrouwen, dan is dat Afrika (benieuwd of jij hetzelfde zegt over Vietnam). Aan hun kracht en uithoudingsvermogen kan ik niet tippen. Tegelijkertijd staat hun inspanning ten dienste van iedereen en alles om hen heen. De echtgenoot in de eerste plaats – zijn vrouw verbouwt eten, houdt de hut heel en schoon, wast en kookt. Ze zorgt voor iedereen in een grote kring van familie, stam- of clangenoten die een beroep op haar doet. Dat doet ze met flair en, als het even kan, in een kleurrijke gesteven jurk. Zeggen dat voor de gemiddelde Afrikaanse vrouw het begrip ‘zelfontplooiing’ geen betekenis heeft, getuigt van een witte blik op Afrika. Een vrouw in traditioneel Afrika is haar gezin. Zonder echtgenoot is ze niemand, bestaat ze niet; op veel plaatsen trouwt een weduwe nog met een broer van haar man, om haar te behoeden voor de desastreuze ongebondenheid. Zonen zijn haar leven – letterlijk - omdat die later voor haar zorgen. Zij hoeft niet te kiezen tussen werk of kinderen. Kommer en commentaar van Heleen Mees gaan aan haar voorbij want ze heeft niks te kiezen. Ze vraagt zich nooit met de oude Heleen van Royen af of ze wel genoeg seks heeft; ze mag haar man haar lichaam niet weigeren. Ze vraagt zich ook nooit met de nieuwe Van Royen af of haar man vreemdgaat - dat weet ze zeker en ze kan daar niks aan doen Women Incorporated is voor deze vrouwen niet meer dan een mooi merk, want voor een Hollandse Heleen en een doorsnee Afrikaanse geldt dat never the twain shall meet. Verandert er dan niks? Zeker wel. In de stad kom ik nieuwe Afrikaanse vrouwen tegen; met pit en lef en de vastbeslotenheid er iets van te maken, zoals Liz, de jonge geluidsvrouw met wie ik afgelopen week tv-opnames maakte. Fifi, de geliefde van een politiek commentator of modeontwerper Sylvia Owori. Over hen ga ik je zeker nog schrijven. Intussen ben ik zelf in hartje Afrika ook een multitaskmum met drie kinderen en het verlangen om veel en mooi werk te maken – of dat nu reportages, essays, interviews, debatten of boeken zijn. Een klassieke diplomatenvrouw ben ik daardoor nooit geworden. Al ziet het er wel een beetje zo uit, met een veranda die uitziet op het Victoriameer, die tuin vol apen, witte wijn bij krekels en kampvuur in de nacht en, natuurlijk, geborgen in de goede zorgen van twee sterke Afrikaanse vrouwen.
Groeten,
Marcia
Marcia Luyten is econoom en cultuurwetenschapper. Ze werkt als zelfstandig journalist, schrijver en moderator voor onder meer NRC Handelsblad, Vrij Nederland en De Globaliseringslezing. Ze schreef Ziende blind in de sauna: Hoe onze politiek, economie en cultuur ‘Afrikaanse’ trekken krijgen en Witte geef geld. Sindss 2007 woont ze met man en drie kinderen (6, 3 en 1) in Kampala, Oeganda.
